| DIEDERIK VAN VLEUTEN 1.7. De Gouden Eeuw. 1.7.1. Over de Schermerpolder en de Verenigde Oostindische Compagnie. Arie: Diederik van Vleuten, leeftijd: 33. Beroep: held, alleskunner, Soeperman. De man die het sneller in zijn broek doet dan zijn schaduw. Maar kwam je ook alweer vandaan? Died: Uit de Schermerpolder bij Alkmaar. Arie: Wie kent hem niet: De Schermerpolder bij Alkmaar. Die kale, natte, kouwe, winderige, lege, nare, vervelende, saaie, overbodige, tot niets verplichtende Schermerpolder bij Alkmaar. Died: Mijn moeder maakte vroeger mijn wanten aan elkaar vast met een lang touw door allebei mijn mouwen. Dan had ik ze altijd bij me. Maar je wordt ouder en er komt een dag dan moet je het allemaal zelf doen. Dus jaren later fiets ik in de winter door de Schermerpolder zonder wanten. Kapitein Iglo met tien vissticks. En nou denk ik wel eens: als Oost-Indië niet had bestaan had de Verenigde Oostindische Compagnie niet bestaan. Arie: Ja. Died: En als de Verenigde Oostindische Compagnie niet had bestaan dan hadden ze nooit geld gehad om de Schermerpolder droog te leggen. Arie: Ja. Died: En als ze de Schermerpolder niet hadden drooggelegd dan had ik geen kouwe handen gehad. Snap je? Arie: Nee. Died: Jij komt dan ook uit IJmuiden. 1.7.2. De Gouden Eeuw: het logboek van de Eenhoorn. Diederik stort zich in een zeventiende-eeuwse fantasie. Hij neemt Arie mee op een verre-reis-in-gedachten. Died: We zijn op weg naar Indië. Met de Verenigde Oostindische Compagnie. Wij gaan voor peper en kaneel. Wij gaan voor goud en zilver. In de zeventiende eeuw gebeurde er nog eens wat. In de zeventiende eeuw lag er doodleuk een briefje op de keukentafel: Vrouw, ik ben even wat peper halen. Tot over twee jaar. Hier, lezen! Arie: 'De Eenhoorn. 6 april 1653. Lief Logboek. Het is windstil. Ik heb mijn boek uit en niemand wil met me ruilen. Iedereen is ziek, behalve de kok. Als Jacobus Kalverboer nog een keer op die luit van hem begint te tokkelen dan haal ik hem achterstevoren door het dichtsbijzijnde koraalrif. Daar zal zijn rug van opkijken.' Died: Om in Indië te komen moeten we langs Kaap de Goede Hoop. Kaap de Goede Hoop, dat is goed nieuws en slecht nieuws. Het slechte nieuws: van links komt de Indische Oceaan en van rechts de Atlantische. En wij zitten in een houten boot.Het goede nieuws: We komen eindelijk weer eens vooruit. Met windkracht twaalf. Arie wordt even Matroos: Kapitein ik geloof dat ik moet kotsen. Diederik wordt even Kapitein: Zeg, matroos, zou je mij een plezier willen doen en even in de Indische Oceaan willen kotsen? Anders krijg ik al die ontbijtspek in mijn pruik. By the way, morgen zijn we op Kaap de Goede Hoop. Kan jij na 6 maanden kotsen eindelijk weer eens gewoon lekker schijten. Vandaar de naam. Kaap de Goede Hoop. Zeemanshumor. Died: En daar is Indië. Onmiddelijk gaat de kapitein met zijn dapperste mannen aan land.. en plant de vlag van de Verenigde Oostindische Compagnie in het zand. Niet lang daarna komt het opperhoofd uit de bosjes en maakt een eeuwenoude rituele dans. Died wordt even Dansend Opperhoofd Arie als Amsterdamse Kapitein: Zeg, Klukkluk, heb je beestjes? Zeemanshumor. Died als Dansend Opperhoofd: Eoeleoeleoeleoeleoeleeleoeleoeleleleoeleleoe. Arie als Amsterdamse Kapitein: Je weet het mooi te vertellen. Maar nou effe zonder dollen, Opperhoofd, jullie hebben peper, kaneel en allerlei geheimzinnige kruiden. Hebben wij allemaal niet. Maar wij hebben een kanon. En dat hebben jullie niet. Een kanonschot treft het Dansende Opperhoofd. Arie: Ik heb het hier wel gezien. Ik ben weer thuis. Arie gaat naar bed. Died leest verder in het logboek van de Eenhoorn. Died: De Eenhoorn. 6 juli 1653. Over 110 dagen zijn we thuis. De Eenhoorn. 7 juli 1653. Over 109 dagen zijn we thuis. De Eenhoorn. We zijn thuis. We zijn stinkend rijk. We gaan ons meteen op een schilderij laten zetten. Died gaat poseren als Kapiteyn Keyser, iemand die poseert voor een Oude Meester om vastgelegd te gaan worden op een Schuttersstuk. 1.7.3. Over Schilderkunst in de Gouden Eeuw. Poserende 17e eeuwer: Schilderkunst in de zeventiende eeuw: Zeg Vermeer, duurt het nog lang, anders ga ik zo lang even EEN STRAATJE om hoor, ha, ha, ha. Zo mensen, ik zou zeggen: een hele goede avond. De naam is kapitein Keyzer van de Eenhoorn en ik wou meteen maar van de gelegenheid gebruik maken om een boekje open te doen over de zeventiende eeuw. Nee, mensen, die hele zeventiende eeuw, dat is toch maar een rare eeuw geweest. De Gouden Eeuw, zo werd 'ie genoemd, maar die Gouden Eeuw die was helemaal niet van goud, wis en drie niet, het was een eeuw van niks. Hij werd alleen maar Gouden Eeuw genoemd door mensen die er zelf niet in geleefd hebben. Da's lekker makkelijk. Dat jullie gewoon zeggen: toen en toen maakten die mensen verre reizen met grote schepen en ze konden ook heel mooi schilderen en iedereen was rijk en gelukkig, iedere dag broodjes met peper en kaneel, weet je wat, laten we dat eens de Gouden Eeuw noemen. Kijk, en dan zeg ik: bemoei je effe met je eigen eeuw! Ik ga van jullie eeuw toch ook niet zeggen. Nee, mensen, laten we allemaal gewoon rustig in onze eigen eeuw blijven zitten, dat is voor iedereen verreweg het beste. Schilderkunst in de Gouden Eeuw. Breek me de bek niet open. Ken je dat schilderij dat Rembrandt maakte van de direktie van Hoogovens? De Staalmeesters. Die zitten daar gewoon met z'n allen met hun stalen smoelen recht in dat schilderij te koekeloeren maar ondertussen... Nee, mensen. Maar ik moet ik u wel zeggen: ze hadden tenminste wel hun gewone gezichten nog. Moet je eens aan het eind van de negentiende eeuw kijken: wat een sjacharijnige koppen. Hoewel, ik kan me dat ook best voorstellen hoor. Zit je net met de familie gezellig aardappelen te eten, wordt er opeens krankzinnig hard op de deur geklopt, staat er een roodharige gek met een oor in de kamer die zegt: goedenavond, wilt u even een week niet bewegen? Nee, mensen, schilderkunst in de 17e eeuw, ik krijg er kramp van in me kaken. 1.7.4. Arie en Died over de Drooglegging van de Polders. Died: Beste jongens en meisjes, jullie hebben vast allemaal wel eens gehoord van de 17e eeuw. In de 17e eeuw lag heel Nederland onder water. Heel Nederland. Behalve het Noord-Hollandse vissersdorpje de Rijp. Dat lag voor de helft onder water. De mensen konden er alleen boodschappen doen als het eb was. Maar kwamen ze nou bij de slager dan hing er een briefje op de deur: 'Ik ben bij de bakker, hoogachtend: de slager'. Want ook de slager kon ook alleen boodschappen doen als het eb was. De toestand werd onhoudbaar maar de redding was nabij want op een goeie dag in het jaar 1631 zat de molenmaker en waterbouwkundige Jan Adriaanszoon Leeghwater in een boot voor zijn huisje in de Rijp en probeerde daar voor de 47e keer zijn pijp aan te krijgen. Maar het bleef maar waaien en waaien en waaien.. Arie: Ideaal voor een molenmaker, een pijproker werd er gek van. Died: Leeghwater keek omhoog: een loodgrijze lucht. Hij keek voor zich uit: gebogen riet. Hij keek naar links: gebogen riet. Hij keek naar rechts: nog meer Arie: Ideaal voor een dakbedekker, een stratemaker werd er gek van. Died: Toen stond Leeghwater op en sprak de historische woorden:'Timeo Danaos et dona ferentes.' Arie als Leeghwater: 'Als we dat nou allemaal gewoon eens droogleggen.' Died: Onmiddelijk legde Leeghwater een lijst aan met alles wat hij voor de drooglegging nodig had: Arie als Leeghwater: Een dijk, een ringdijk, een binnenboezem, een buitenboezem, 50 uitwaterende sluizen, 100.000 zakken zand, 200 paarden en wagens en 52 molens. Died: De molens van Leeghwater begonnen en te malen en te roeren en na twee jaar malen en roeren klom Leeghwater op een vroege lentemorgen in 1633 op de ringdijk en zag hij voor het eerst wuivend in de wind het eindeloze groene gras van de Schermerpolder. Tranen vulden zijn ogen en hij sprak de historische woorden: Arie als Leeghwater: Yo mannen, genoeg gemalen. Wat mijn betreft is het af. Died: De Schermerpolder waar ik vandaan kom. Die prachtige, schitterende Schermerpolder. Arie als Leeghwater: Sommige mensen zeggen; wat nou Schermerpolder, ik zie overal nog water. Dan zeg ik: dat is geen water, dat is een vaart. | ![]() |
| verder lezen |